Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13* di SLEUTEL

Daar ik , vermoeid van wandlen,

Zoo dikwerf rust genoot; En zwaare regen - buiè'n ,

In veiligheid ontvlood: Waar Ik, met pen en boeken,

Soms halve dagen zat; En aan den loop der zonne Mijne uuren gisfend mat.

Die dagen zijn verdweenen.'

Voor altijd, altijd, ja! 'k Zoek vruchtloos zulk een hutje,

In 't oord waar 'k heenen ga. Gij, eertijds trouwe Hemel!

Blijft nu voor mij niets meer; Keer met een groet vol eerbied

Dan weder tot uw' Heer. Zeg hem: „ Dat gij bereilttet

,, Zijn edel, vriendlijk' doei; „ Dat ik zijn zorg en goedheid

„ Met warmen dank gevoel „ Dat ik, ver van zijn fchepping s, In zijn betovreud dal,

„ Dis

Sluiten