Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TRAANEN.

*3

overblijft voor het volk van God. Nu, zalige Moeder! hebt gij de waarheid van uwe troostrijke verwagting, die gij zoo menigmaal, met vogtige oogen, ai zingend gevoel, det, ondervonden -— en op dat ontzettend oogen blik, toen uw vleesch en uw hart bezweeken, bleef God de rotfteen van uw hart , en uw eeuwig deel. In dit eeuwig deel hebt gij u, bij 't genot, en bij't gemis der aardfche goederen, als uwen waaren fchat, verheugd — met dit eeuwig deel fchriktet gij niet voor dezen ftond, wanneer het gantsch heelal ontzinken zou. En de laatfte woorden die gij met een onbedwelmd verftand uitte , waaren juichtoonen over dit eeuwig goed.

i

Dit heerlijke goed geniet gij nu in voTe kracht. Uwe hoop, die het vol hield in alle wisfelingen, in alle woelingen des levens , en ook — in de angften des doods, die hoop is zalig beloond. Uw Verlosfer die alle uwe benaauwdheid kende, uwe traanen telde, en u uit liefde lijden deed — nam u eindelijk tot zig* en uw weggaan £ 4

Sluiten