Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8<3 MIJNE KINDERLIJKE

onvergelijkelijke waarde, met de zoete vlei» ende hoop van haar, na lange jaaren af zijns, nog eens weêr, aan uw van kinderliefde klop,pend hart, moeder te noemen, maakte u den zwaarden arbeid ligt, de fchaduw uwer hoornen koeler, en het gezang uwer vogelen meerder ftrelend — doch die hoop is nu afgefneeden; aan deze zijde des grafs ziet gij haar nimmer weêr — zij is weg voor u —en meer nog voor ons.

Gij moogt terug keeren naar uw vaderland, de plaats aanzien waar de lijdende vrouw haare laatfte levensjaaren afleefde, en waas zij den adem uitblies; maar haar vindt gij niet weder.

Zij ftierf, en gij waart niet bij haar; gij mogt haare oogen niet fluiten, en haare laatfte woorden niet hooren; een zeer groot verlies! —— maar ook een gewin! — gij hebt nu ook haar lijden niet gezien; uw kinderlijk hart is niet door grievend mededogen verfcheurd -— en haar heeft geen

hulp

Sluiten