Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN BONDGENOOTSCHAP MET DEN LEEUW. 1$

En fprak: „ 't Getal is vier dat deze prooi moet eeten;"

En ftraks was 't Hart vanéén gereten: „ Ziedaar, hernam de Leeuw, vier ftukken, als gy ziet: „Heteerfteis 't myne, als heer, die over 't woud gebied, „En voor den naam van Leeuw, gelykik wordgeheeten."

Men fprak: „Dat is een klare zaak!" „'k Heb recht ,zei toen de Leeuw,dat ik eene aanfpraakmaak' „ Op 't tweede ftuk: waarom ? Gy allen kent myn krachten;

„En 't recht des fterkften moet men achten. „Als dapperfte, is gewis ook 't derde deel voormy, „Zo icmant uwer hier niet mee' te vrede zy, „En naar het vierde ftuk één' poot Hechts uit durft fteken, „ Die zal ik ftraks den kop en al defchonken breken.

Sluiten