Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE RAVE , DIE ZICH DEN AREND WILDE GELYK STELLEN. 95

Maar't Lam woog zwaarder dan de vrucht van hage of boom, Behalve dat natuur het had een vacht gegeven Vol zware wol, in één geweven Als Cyclops Polyphemus baard, Een rcusjdoorruigtecnkrachtbydeoudheidhoogst vermaard. De Raaf grypt in de wol, om'tLam de wei te ontfchaken,

Zo fterk, dat hy niet los kan raken.

Toen fchoot de herder toe, met drift, Grypt ftraks de Raaf, en maakt den roover tot een gift

Voor zyne vrouw, en kleinen jongen. Men fluit hem ineen kouw, en lacht om zyne fprongen, Waarmee hy, tot vermaak van 't huis, den tyd verfleet.

't Is nut dat elk zyn krachten weet', t Gelukken van een' ftroop kan rooflust voedfcl geven; Maar hoogst gevaarlyk is 't elks voetfpoor na teftreven: Elk plundraar is geen vorst,wiens plundring wordverfchoond» De Mug kiest geen verblyf dan daar de Wesp niet woont.

Sluiten