Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

131 DE DRONKAART EN ZYN VROUW.

DE DRONKAART EN ZYN VROUW.

Elk mensch heeft zyn gebrek, dat nooit zich laat verwinnen;

Dc fchaamte of vrees brengt hem niet licht hiervan terecht. Tot een bewys daarvan fchiet me één Verhaal te binnen:

'k Heb zonder voorbeeld niets tot op dit uur gezegd.

Een yverig Bachant verzoop zyn' geest, daarneven Gezondheid en het goed hem door Fortuin gegeven. De menfehen die ontzind op zulke wegen gaan, Zyn meest in 's levens bloei van geld en goed ontdaan. Eéns deed dc man zó fterk den drank naar binnen loopen, Dat hem de geest des dranks de harsfens had bekropen; Toen floot zyn vrouw hem in een graf. Zodra de walm des dranks het harsfenvat begaf, Dacht hy, half in den dut, daar 't graf hem ftortte in vreezen; „ Hoe nu! zou dan myn vrouw in waarheid weduw' wezen!" Toen kwam de vrouw ter grafplaats in, Getooid gelyk een Schrikgodin,

En

Sluiten