Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*3s

GESCHIEDENIS

Philips de II. van Spanje.

Gefleltepis der Krijgsbendenwaar me. de men legen de Spaanfchenitreedt.

verfland daar mede. Dit maakte hem des bewind? moede, 't geen hij aan Jacob Smit, Heer van Baarland, overdroeg, en hij vervoegde zich tot den Prins , met aanbieding, om zijne eer , of in regten , of in eenen kamp, te verdeedigen; ook elk, die hem ag« ter zijnen rug lasterde, bij gedruktenfchriftedaagende, dit in 's Prinfen bijzijn te doen. Doch niemand kwam tegen hem op (*).

De nieuwe Krijgsbenden, aan geen tugt gewoon, en zamengeraapt uit zo veele onderfcheiden Volken , moeiten natuurlijk onderdoen voor de Spanjaarden, in veldtochten grijs geworden, aan drengekrijgstugt onderworpen , en aangevoerd door de bekwaamde Veldheeren. Deeze tegenflagen, ondertusfehen, en de noodzaaklijkheid, waar in de Prins van Oranje zich bevonden hadt, om zijn Volk aftedanken , als mede de fpoed, met welken de Hertog van Alva de overgellaagene Steden herwon , baarden in Holland de uiteffle verlegenheid. Men hadt de rampen, aan een' Burgerkrijg onafscheidelijk verknogt, niet genoeg voorzien en bedagt, en zich tot den binnenlandfchen oorlog ingelaaten, om van de dwinglandij verlost te worden : doch, zich blootgefteld vindende aan de onbefchoftheden der Krijgslieden, tot verdeediging des Lands aangenomen, lieten zommigen zich bedunken, dat zij het onder de Spaanfche Regeering nauwlijks dimmer dan tegenwoordig gehad hadden. Deeze Soldaaten , naamlijk, meest Vrij-

wil-

(*) Bor, VI. B. bl. 28$.

Sluiten