Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 247

„ hun belegerd hieldt, de tien Koppen terhandftel,, len, en 't elfde voor woeker 'er bijvoegen, op dat „ hij over geene verwijlde betaaling zou te klaagen „ hebben."

De koude, zoftreng, dat de fchildwagten,nu en dan, op hunne posten doodvrooren, bragt te wege, dat de Soldaat, het nauwlijks in 't veld kunnende houden, verliep, en Don Frederik te raade wierd, nogmaals een algemeenen aanval te doen: dan de zijnen werden met groot verlies afgeflaagen : dit, gevoegd bij andere afbreuken, van tijd tot tijd gedaan, bewoog de Belegeraars , het werk wat zagter opteneemen, en voornaamlijk op het uithongeren der Stad bedagt te zijn. Veele Overlten, des belegs moede, fpraaken van 't zelve optebreeken : Don Frederik leende daar aan het oor: doch zijn Vader, thans zieklijk, dit verneemende, fchreefhem: „ Indien gij laf-, „ hartig genoeg zijt, om het beleg optebreeken, zal „ ik , hoe ziek ook , mij in de Legerplaats laaten „ brengen, of de Hertogin, uwe Moeder, uit Span,, je ontbieden, om uwe plaats te bekleeden." Don Frederik , door deeze fchampere trek getergd , befloot, het beleg voorttezetten, ondanks al de tegenheden, welken hein bejegenden.

Het dooiweer belette den toevoer met ijsfleden, en de voorraad begon'reeds fchaars te worderi : mer floot de Stad hoe langs hoe nauwer in , en de Vaar "tuigen op het Haarlemmer Meer hadden met die de: Vijands te kampen. Brieven uit en in ;de Stad u krijgen ging-met zo veel gevaars vergezeld, dat mer Q 4 k>

Philips dü 11. van Spanje.

De Hertog wederhoiidtzijn Zoon het abe!eg optebreeken.

Duiven tot Booden gebiukc.

t

Sluiten