Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 339

uitgedreeven hadt, trokken zij derwaards , namen de Stad in , en pleegden 'er den deerlijkften moed-

wil co.

Nog erger lot moest Antwerpen bezuuren: eenige dagen naa het plunderen van Maastricht, lloegenzij derwaards op weg: het Kafteel was in handen hunner Landsgenooten. Acht mijlen wegs lagen zij achter den anderen af, en weigerden, naa den tocht, ververfching te neemen, zweerende, dat zijop'toogenblik wilden fneuvelen , of in de Stad eeten. Deeze werd verdeedigd door eenentwintig Vaandelen, die de Staaten derwaards hadden doen trekken , onder Carel van Croui , Markgraaf van Havrech, Broeder des Hertogs van Aarschot; 'doch zij konden den woesten aanval der Spanjaarden nietafweeren. Alles, wat zich tegen hun verzette , werd op de vlngt gedreeven , of afgemaakt, 't Zij vrees, om dit lot te ondergaan, 't zij begeerte, om mede in den buit te deelen , hun bewoog , zommige Duitfche Vaandels voegden zich bij de Spanjaarden. Cham^ pagne , Bevelhebber der Stad, van Croui en anderen , geen kans ziende , de woede te fluiten, vlooden ter Poorte uit, en zogten lijfberging op 's Prinfen Schepen. Het Stadhuis , voor één der fchoonfte Gebouwen der* Wereld beroemd , waar zich de Burgers dapper verdeedigden , werd , met meer dan vijfhonderd Huizen, door den brand, die aan verfcheide oorden opging, verteerd. Men meent,

(*) Hooft, I. D. bl. 4Ö2.

C 3

Philips de 11. van Spanje.

Hunne woede te Antwerpen.

Sluiten