Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

37<5

GESCHIEDENIS

Pnirjps pk H. van Spanje.

Brieven van hem onderfchept.

ging, in fchijn, om de geneezende Wateren daar te gebruiken, doch met de daad, om met den Graave van Lalaing heimlijk te handelen over deopdragtder Nederlanden aan haaren Broeder , den Hertog van Alengon (*). Onder voorwendzel , van deeze Vorflinne te gaan begroeten , begaf zich Don Jan na Namen; zich gelaatende eene jagtpartij te houden, verzogt hij, in 't voorbijgaan, het Kalteel te mogen bezigtigen. Het werdt hem vergund; doch aan de Poort wagtte hij, tot de aankomst eeniger Ruiteren, door hem in het Bosch verfboken; met deezen maakte hij zich maefter van het Kafteel, vol vreugde uitroepende : Ziet, dit is de eerjle dag mijner Landvoogdije (f). Op zijn last nam Hiêkges Charlemont en verfcheide andere kleine Plaatzen in. Omdkverbreekeu van het Eeuwig Gebod te vergoelijken, verklaarde hij : IVi} hebben niet anders kunnen handelen, om onszelven in veiligheid te jlellen tegen de Zamenzweerders , vijandtn van den Roomsch- Catholijken Godsdienst, van den Koning , en Verftoorders van de openbaare rust (§).

De Staaten namen geen genoegen in deeze verdeediging. De Brieven , door Don Jan en Escovedo

na

(*) De Hertog van Alengon, eenige Broeder van Hendrik den III, voerde toen den tytel van Hertog van Aniou, uit kragte der Bevrediging , in Bloeimaand des jaars MDLXXVI. geflopten.

(IJ) Hooft, 1. D. bl. 5r3. 515.

C§) Burm- Annal. I. 20. Ia Pr*f, f, 54. 55.

Sluiten