Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 3*3

De Staaten namen deeze gelegenheid waar , om veele Sterkten en Kafteelen , die , zints zo langen tijd, ter verdrukking der Volken gediend hadden, te doen afwerpen. Met onbefchrijflijke vlijt repten zich de handen te Utrecht, te Gend , te Rijs fel en te Falenchijn, om die haatlijke dwanggevaarten ten gronde toe te flegten. In het Kalbeel te Antwerpen, 't welk in dit zelfde lot deelde, vondt men her Beeld van Alva, ten tijde van Requesens afgeworpen, en in een hoek gefmeeten. Dit werd voor den dag gehaald , op de Werf gewenteld , en daar op met bijlen en houweelen gebikt , „ als hadt hij ," om de woorden van Hooft te gebruiken , „ eiken flag ,, gevoeld, en elke wonde bloed geloosd. Zo ftak „ hun de bitterheid zijner regeeringe in den krop, „ dat zij, bij mangel van 't weezen , in den fchijn „ beeten, om ze met defmaaklijkheideenetgewaan„ de wederwraak doortefpoelen (*)."

Deeze drift tot verdelging der dwing'andij ftrekte zich tot Friesland uit. Hier lagen nog twee Vaandels Hoogduitfchen in de Schansfen te Oostmarhorn, in de Lemmer , te Makhum en te Harlingen. De Heer van Ville, voorheen een Aanhanger van Don Jan, doch, naa het gebeurde te Namen, aan de zijde der Staaten overgeflaagen, en thans door hem tot Stadhouder van Friesland, Groningen, Drente, Twente en Lingen aangettcld, haalde deezen. door toezegging van betaaling, over, om het Land te ruimen:

op

(*) Hooft , I. D. bl. 550. UI, Deel. 2. St, F

Philips de II. van Spanje.

Verfcheide Kafteelengeflegt.

Omwenteling in

Friesland.

Sluiten