Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5i0

GESCHIEDENIS

Phiilps m H. van Spanje.

i

1 I <

1 1

r v

ondeugden. Hij befchri'ft den Prins als den eenigen aan en opllooker vnn het vuur der Nederlandfche Beroerten , als een' Beöorloger van zijnen >Heere, een' Omverftooter aller Vredehandelingen, een Verbreeker van Voorregten en bezwore Verbintenisfen, een Lasteraar, Invoerder van Ketterijen , Verzaaker des Heiligen Algeraeenen Geloofs, eerloozen Egtfcbender, die, bij 't leeven zijner Genialinne , eene gewijde Abdisfe ter Vrouwe genomen hadt, Pest van het Christendom , en Vijand des menschlijken Gellachts , die zijne veiligheid , gelijk Caïn en Judas , alleen vondt in een eeuwig mistrouwen , 't rechte kenmerk van een knaagend geweeten. Wegens al het welk de Koning hem , als een Schelm en Verraader, met alle zijne nog onaangeflaage Goederen , in den Ban doet, en ten roove geeft: verbiedende elk, hem eenige hulpe toetebrengen , of zelfs ïanfpraak te verleenen : daarentegen , elk beveelenie , hem aftefnijden en te verlaaten, binnen den tijd ian ééne maand , op verbeurte van Adel , Eere, joed en Leeven, ten behoeve van zulken, als 'er, linnen of buiten de Landen, meefter van konden vorden. Eindelijk, bijaldien men iemand,'tzijOnlerzaat of Vreemdeling, vondt, van zulk een edelen art, en zo genegen tot 's Konings' dienst en ter geneene welvaart, dat hij middel wist, om-den Prins, zevenden of dood, oveneleveren, of hem zelfs om : leeven te brengen, belooft hij zulk eenen, of zije Erfgenaarnen , terfbnd naa het volbrengen des rerks, te zullen beloonen met vijfentwintigduizend

gouden

Sluiten