Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 561

[n verfcheide andere Landfchappen, als Gelderland, Braband en Vlaanderen, hadden zij dien weeten te «houden. Men oordeelde het noodig, hun de Unie >an Utrecht te doen bezweeren. Het kennen der Schutterijen, in die zorglijke tijden, in zaaken van »ewigt, hadt dezelvan aangezet, om zich meer en meer in zaaken der Regeeringe intedringen , zo verre, dat zij, in den jaare MDLXXVIII, zichflaaken in de beftelling der Wethouderfchap. De Staaten ran Holland, bevroedende, hoe ligt zij op dien voet de klem der regeeringe zouden kwijtraaken, en dee> se, allengskens , in eene fuort van Volksregeering veraarten, bettooten, in Maart des jaars MDLXXXI. dat voortaan geene Steden over gemeene Lands zaaken raadpleegen zouden met eenigen Bestge \„ fiaatsten, Schutterden, Gilden, of anderen , ge „ lijk voorheenen wel gefchied was , ten ware me }, voorgegaane bewilliging der Staaten (*)."

Vreemd moet, naa zulk een Staatsbefluit, de raad flag van Amfterdam voorkomen. De Prins floeg ooi dien voorflag te eenemaale af, zo om de gevolgen als om dat hem de Hooge Overheid al in den jaar MDLXXVI. was opgedraagen , en men thans he toen reeds vastgeftelde flegts ftondt uittevoeren Q] Hangende deeze zwaarigheden , vondt Oranje hf niet geraaden, de regeeringe te aanvaarden, entte

(*) P. Paulus Ferkl, der Unie van Utrecht, III. D. b ao8 enz.

(f) Refol, van Holl. 1581, bl. 280.

R s

WilleM de 1.

De Schutterijen eU Gilden uitgefloten van de raadplegingen ovet zaaken van Regeeringe»,

■ Eed, aan

. den Prins, als

» Hooge

2 Overheid, af*

t gelegd.

Sluiten