Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. «5

53 beiden zal verdrukken ? Dat wij ons aan zulk „ eene fchande onttrekken. Ons herinneren de „ manmoedige verdeedigingen van Alkmaar en Ley„ den , die , met een hand vol volks, de trotfche „ aanflagen der Spaanfche heirlegers verijdelden. „ Indien de Vijand in Holland doordringt, zal onze „ Stad voor den eerften aanval bloot liggen. — „ Indien alle deeze redenen vrugtloos op de gemoe„ deren affluiten, zullen wij, egter, het^genoegen „ hebben, dat wij de zieltoogende Vrijheid het laatst

hebben doen fpreeken : wij houden ons onfchul„ dig van alle rampen, die deeze handel met Frank,, rijk den Lande dreigt, en fmeeken den Hemel op „ 't vuurigst, dat Hij dezelven afwende (*)."

Zij verklaarden, dus uit de borst te fpreeken, opdat men het fttik nader zou inzien, en zich, door de meeningen van den Hoogen Raad, van het Hof, van de Zeeuwfche Staaten, of van de voorzittende Leden niet laaten inneemen. Deezen naamlijk drongen op het fluiten van dit Verdrag aan met redenen, inklem de Goudfchen evenaarende , en min met bitterheid doorzuld." „ Men hadt," bragten zij in 't midden , „ noch Hoofd, noch Krijgsmagt tegen den gelukki,, gen Farneze , en het gedugt vermogen der Span„ jaar den. De Bondgenooten konden geen tweeden „ Prins van Oranje verwagten. Holland hadt al« „ leen door hem den Spanjaard fpits geboden. Zoo „ lang te marren met de toevlugt tot Frankrijk te

nee-

O Hoofdt, II. D. bl. 933 enz.

B4

RTatjrits-

Redenen, docrde F/anfc!:c Partij in 't midden Jebragt,

Sluiten