Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34

GESCHIEDENIS

Maurits.

Voortgang deezer Onderhandelingen,

fpreeken , eer hij een bepaald befluit nam («).

De Afgevaardigden werden aan de beide Koninginnen, de Moeder en Egtgenoote desKonings, aangebooden, overal met veel onderfcheidinge ontvangen en gunftig gehoord. Doch men raadde hun, des geen ophefs te maaken, ten einde zij den heimlijken en openbaaren vijanden van den Staat niet te veel in 't oog zouden loopen, en ongelegenheid baaien. Vervolgens hielden zij een gefprek met Pruneaux over de beraamde voorwaarden j die vorderden, „ den Hervormden Godsdienst te handhaaven; „ geenen anderen intevoeren ; eenen Onroomfchen „ Landvoogd herwaards te zenden; dien eenen Raad ,, toetevoegen van Omroomfche Inboorelingen , aan„ genaam den Staaten ; geene Uitheem/eken noch ,, Roomfchen tot Wethouderfehappen ofRegteramp* ten te beroepen; vrjjheid voor de bijzondereStaa„ ten, om, onbefchreeven , en zo dikwijls het hun „ goeddagt, te vergaderen." Deeze, en meerandere bedingen, hoe veel zagter ook, dan die Anjou hadt aangenomen , dagten Pruneaux te fchor en ftootende, om den Koning te worden voorgehouden, ja gefchikt, om eensflags alle onderhandeling aftebreeken. Schoon een heimlijk Berigtfchrift hun vrijheid gaf, om den fchoot eenigermaate te vieren , zagen zij, dit te ruim doende, den Staat bekorting, zich opfpraak en ongena befchooren. Onverrigter

bood»

(*) Hoofdt , II. D. bl. 971. Thuan. Lib. LXXXI.

Sluiten