Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maurits.

Aanmerkingenover dee ze aan. Helling des eerfien Stad houders van Holland en Zeelana door de Staaten van die Gewesten.

0 GESCHIEDENIS

„ ken; en dat hij de bevelen van Deezen envandem „ Raad van Staate , overeenkomffig met derzelvet „ Lastbrief en Berigtfchrift gegeeven , in de Plaat„ zen van zijn Stadhouderfchap doe ter uitvoer

brengen. Eindelijk behouden de Holland-

„ fche en Zeeuwfche Staaten aan zich de magt , om „dit Berigtfchrift te veranderen , te vermeerderen;, „ of te verminderen , naar dat de nood of 's Lands „ oorbaar zal vereifchen (*)."

Van deezen inhoud was de Lastbrief, door dc . Staaten van Holland en Zeeland hunnen eer/?e» Stadhouder gegeeven. Willem de L hadt, gelijk wij voorheen zagen, van Philips den II. zijne aanftel- ling als Stadhouder dier Gewesten, en was aan hem door de Staaten niet het Stadhouderfchap, maar, zo veel in hun was, de Hooge Overheid dier Gewesten, geduurende den Oorlog, opgedraagen, en, naa het afzweeren van Philips , beoogden zij, hem tot Graaf, maar niet tot Stadhouder, te kiezen. In Holland ftelde Willem de I. Stadhouders onder zich aan, doch die gehoorzaamheid aan de Staaten beloofden. In Friesland en Groningen werden de Stadhouders nu eens door de Algemeene Staaten, dan eens door den Aardshertog Matthias, ten tijde zijner Opperlandvoogdije, benoemd. De Staaten van Gelderland hadden, geduurende de onlusten, en die van Utrecht} naa den nood des Prinfen van Oranje , hunnen eisen Stadhouder verkoozen. Over deeze ver?

fchH-

(*) HoorsT, II. D. bl. 104©.

Sluiten