Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 69

woonten , in het Verdrag gemeld, van zelfs eene genoegzaame uitzondering,op 'sLandvoogdsgezag, in zaaken van 't Burgerlijk beftuur, aan de hand gaven. Leicester zelve beantwoordde den fcberpen Brief der Koninginne op de weemoedigfte wijze, fmeekende, dat zij een Man, door haar uit het ftof verheeven, niet wilde verpletten (*). Men begrijpt ligt, dat deeze geveinsde ftoornis ras bedaarde. Zij fcbeen vermaakt met de verlegenheid , waar in dit opkomend Gemeenebest zich bevondt: weinig dagt zij, dat het eerlang magtig genoeg zou weezen, om een onafhanglijken Staat, voor Engeland zelfs gedugt, te vormen, 't Vervolg der gefcbiedenisfe zal ons de reeds ontdekte geveinsdheid haars misnoegens nog duidelijker aanwijzen.

Gelukkig viel de keure der Staaten van Heilandtot 's Lands Advokaat, in ftede van Paulus Buis, op Meefter Joan van Oldengarnëveld , Penfionaris van Rotterdam, en in veele gewigtige Staatshandelingen gebruikt, bekwaam, om de ureeken vanEnzabeth te doen mislukken , en den vrijen hals van 't Gemeenebest aan 't Engelfche juk te onttrekken. Hij aanvaardde deezen gewigtigen post met de be« fchroomdheid, aan bedagtzaame gemoederen eigen, en onder beding van daadlijk ontfiagen te zijn , in gevalle van handeling , om 't Land aan den Span. jaard te brengen, waar voor hij, uit wigtige inzigten, dugtte; als mede , dat hij, zonder zijne be-

wil-

(*) Hoofdt, II. D. bl. 1046 en 1047.

E3

Maurits.

Sluiten