Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 81

krompen en fnood hart , en de listen van eenige Vreemdelingen, voorheen den Lande uitgeweeken, die, door den Krijg of dwaaze verkwistingen in hunne middelen veragterd , liever laagheden wilden begaan, dan in armoede hunne dagen flijten. Zie hier, aan welke Mannen hij het oor leende , dewijl zij ruim en mild waren in het uitdeelen van loffpraaken over zijn perfoon, en niet min kunstig in het lasteren der Staaten, hunnen Heer tefTens ftreelende met de hoope op de verkrijging der Oppermogenheid. De een was Jacob Reingoud , een Brabander, zints eenige jaaren van zijn ampt als Commis der Geldmiddelen verlaaten , wegens eene befchuldiging van ontrouw,ten opzigte van de gemeenepenningen gepleegd: des rustens moede, hadt hij, onaangezogt en ongemagtigd , zich vervoegd bij de Gezantfchappen na Frankrijk en Engeland , om de Hooge Overheid deezer Landen aan de eeneen andere Kroone aantebieden. Waar hij kwam, fpeelde hij de rol van Indringer , en met den Godsdienst, zo als deze hem best te ftade kwam: voorheen een vijand der Onroomfchen , toonde hij zich thans een ijverig voorftander der Protejlanten , ging nipt bij de Hervormden ter Kerke, en verdubbelde zijne fchijnbaare naauwgezetheid naa Leicesters overkomst, geene Dienstbooden heemetide, of zij moeitenLedemaaten der Kerke en des vooraf door de Predikanten onderzogt zijn. —De ander was Gekard van Pkounink., geboortig van s Hertogenbosch , van beter trouwe en opregter Godsdienstbelijdenisfe dan ReiïvIF. Deel. F ooun,

Maurits.

Zijne gemeenfchapmecReingoud , Proukink er» Burggraaf.

Sluiten