Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maurits.

i

ioS GESCHIEDENIS

benden te vermeerderen, en de Staaten nog metraiJ

mer Onderftandpenningen te gerijven. Terwijl

Joost van Menin, Penfionaris van Dordrecht , het woord voerde, vertoonden zich op 't gelaad van Eiizabeth de zigtbaarfte merken van verftoordheid r aan welk gelaad haare taal volkomen beantwoordde; want nauwlijks hadt Menin geëindigd , of zij borst uit in deeze fchampere taal: „ Haare wel„ daaden hadden zij niet dan met de fnoodffe on„ dankbaarheid beantwoord; haare gezonden Hulp„ benden liegt behandeld ; den Graaf van Lei„ cester, gezonden tot hunnen bijftand , en om ,, den flaat hunner zaaken opteneemen, gehoond j „ en hem met den grootfchen tijtel van Landvoogd „ opgehuld, terwijl zij de magt in handen hielden. „ Daarenboven hadt deeze , om die fchijnvertoo„ ning van grootheid te verkrijgen, zijne Goederen „ en zijne Leenen gewaagd ; ja, dat nog meer was, „ zich blootgefteld aan 't verlies der gunste zijner t, Koninginne. Men mogtvervolgde zij , zweerende bij den leevenden God , de geheele wereld „ doorzoeken, flegiberaadener en onhandelbaarder „ Volk dan de Nederlanders en hunne Staaten zou , men niet vinden. Hadt men niet uitgeftrooid, , dat zij, zonder de Staaten te kennen, van eenen Vrede met Spanje wilde handelen? Harsfenfchim, men. Of Vorflen zomtijds de een den ander i, hoorden fpreeken, zulks kon zonder iemands hin, der geleideden ; want zij handelden met Vorstlijke[, wijze en veilland, waar van bijzondere Perfoónen

m den

Sluiten