Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i26 GESCHIEDENIS

van Leicester aankantten, durfden het Volk inboezemen, dat een groot deel der Staaten zelden ter Kerke , en het meerendeel nooit ten Avondmaal kwam (*).

De Staaten , ongerust over den indruk, welke zodanige gerugten en fmaadredenen kondin maaken op een misnoegd, ligt en bijgeloovig Gemeen , befloten, Adeiaan Saeavia, Hoogleeraar in de Godgeleerdheid te Leyden, nevens twaalf der voornaamfte Hollandfche Predikanten , in den Haage te ontbieden. Zij benoemden Gemagtigden, om met deezen te handelen j ter wegneeroing van den argwaan legen der Staaten Regeeringe, en het maaken vanbefteiUbg op het bchoorljk handhaaven van den openbaaren Eerdienst. De Gemagtigden bragten hun vriendlijk onder 't oog, hoe veel miskwaams 'erkon ontdaan uit de tweedragt tusfehen de Leeraars der Kerke en de Hoofden van den Staat. Zij toonden , dat de Hervormde Godsdienst, wel verre van verdrukt te worden, de cemge begunstigde was, fchoon nauwlijks een tiende gedeelte des Volks van denzelven belijdenisfe deedt. En , daar de Leeraars veel fpraaken Over de geringheid hunner bezoldinge, nam men deeze gelegenheid waar, om hun hoope te

geeven tot vermeerdering van inkomen. . De

Predikanten klaagden , dat de Staaten weigerden het geregeld houden hunner Kerklijke Bijéénkomften, en de Kerkordeningen , door hun beraamd , te be-

krag-

(*) Brandt Reform. I. D. 724.

Maurits.

Sluiten