Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Der NEDERLANDEN. 145

hebbende, na Medenblik, en werd , eenige dagen,

vriendelijk onthaald door Sonoi (*). Hier

maakte hij toebereidzels , om na Friesland overtefteeken , tot deeze reize fterk aangemaand door den Prefident Aisma en eenige anderen , onder voor* wendzel van een Landdag te beleggen, doch met de daad, om zijne Partij te Hij ven. Maar de Gemagtigde Staaten ontzetten Aisma van zijn Ampt, en verzogten , bij eenen Brief, Leicester , eene reize uitteltellen, die gefchaapen ftondt groote moeilijkheden te baaren, hem teffens verklaarende, dat hel hun alleen toekwam , eenen Landdag te befchrh/ ven (f).

Slegt ftondt Leicester met het voortzetten van zijne heerschzugtige oogmerken bij de Regeering: de hoop van te zullen flaagen begaf hem bijkans te eenemaal : de Predikanten, nogthans , bleeven op zijne zijde} en hij poogde door hun zijn rol te fpeelen. Die van Holland namen de vrijmoedigheid, om de Staaten van dat Gewest fchriftelijk te vermaanen tot het haudhaaven der eendragt en het voorkomen van verdere verwijdering tusfchen zijne Doorlugtigheid en hurt, niet meer bot te vieren aan hinderlijke hartstochten, en zonder bijzondere inzigteil te willen arbeiden. Oldenbarneveld , gelasts hun te antwoorden , betuigde : Dat in hm Vertoog niets ftondt, of de Heeren wisten het j en nog meer daar

tee:

(•) HOOFDT , II. O. W. Ï2C3;.

(f) Zie aldaar, bl. 1204.

IF. Deel. K

MAURlTSt

Oe Predikantenzoeken Leicester* zaak te onderfteunen.

Sluiten