Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN, 187

Indien het den Engelfchen, die te vroeg veel kruid en kogels verichooten, aan dien noodi gen krijgsvoorraad niet ontbroken hadt, zouden zij waarfcbijnlijk de Onverwinnelijke Vloot hebben kunnen noodzaken zieh op genade overtegeven. De Spanjaarden koozen, om zulk eene fchand te ontgaan, eene partij, die hun bijna op eene volfirekte vernieling te ftaan

kwam. De hoop, om zich met Parmas Vloot

te veréénigen, was geheel verijdelden i het Kanaa door na Spanje te ftevenen ,uit vreeze voor de En gelfchen, ongeraaden; men befloot noordwaards o] en agter Ierland om na Spanje te zeileu. In deez gevaarlijke zee, onbekend aan de Spaanfche Stuw //<?^«,beliep hun een geweldige en aanhoudende [Tont Het Bootsvolk, afgemat,'en niet in ftaat,om dieloi ge, en veelal zeer befchadigde, gevaartenste beftuurei gaven ze aan wind en ftroom ten beste; veele zonke in de diepte der zee, andere ftrandden op de Schotfe e lerfche kusten, eenige werden op die van Noorw gen gedreeven. Men wil dat 'er niet meer dan Vij tig, en deeze nog zeer reddeloos, in Spanje te rug g komen zijn. Kon iets denfchrik evenaaren , dienh aannaderen deezer Vloot in de Landen, waarop h gemunt was , verwekte, 't was de onfteltenis ov deeze terugkomst in het Spaanfche Rijk. De he der manfchap liethetleeven op deezenhachlijken tod en onder dezelven bevonden zich zo veclen van Ei len Geflachtte, die zich vrijwillig feheep begeev hadden, dat dc Koning, opdat de grootheid var

v

Maurits.

De Vloot keert na i>pan4e.

I i

>» n n

I eet

et er

ift

*i leitl't ;r-

Sluiten