Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3.1$

GESCHIEDENIS

MArRJTS.

geyifcigtèn te vatten , en de ftrafwaardigften met des doo * (rraffen. Het herneemen der Stad werd den Graave van Mansveld gelast ; doch zij wzs bereid to1 eene kloekmoedige verdeediging. Maurits trok, om, hem van 't aangevangen beleg afrewenden, met eene vrij fterke bende Voetknegten en eenige Ruiiers na. de Betuwe, zich gelaatende, als of hij het oog op Nieuwmegen hadt. Mansveld, deeze Stad van meer aangelegenheids agtende dan Breda , brak her, dus lang vrugtloos, beleg op/en begaf zich derwaards , tusfchen de Maas en de Waal zijn Leger nederflaande. Maurits bleef in de Betuwe : dan, om den Vijand het overtrekken van den Waalftroom te beletten, hieldt hij de rivier met Schepen, en den oever met Krijgsvolk bezet, tot de plaats toe, waar dezelve in de Maas ftort. Tegen over Nieuwmegen wierp hij eene Schans op , met den naam van Knod* fenburg betijteld, uit deeze kon hij de Stad befchieten, en dezelve blokkeeren , tot den tijd , dat hij een geregeld beleg zou aanvangen. Dus hieldt hij de Koningfchen. den geheelen Zomer op : in Herfst cn Wijnmaand bemagtigde hij het Huis te Hemert, de Schansfen Telshout en Crevecceur , benevens hei Huis te Hedel en de Schans ter Heide : ook vielen hem Steenbergen en de Schans te Roozendaal in handen (*).

Middelerwijl liep 'er een geregt, dat men in 'Duitschland Krijgsvolk wierf , om in de Nederlanden

(') Bor, XXVII. bl. 3 aj.

Sluiten