Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 451

Bern opgevat, te weeren, door de Grenzen tegen vijandlijken inval te dekken, en de Sterkte, metnaasne Koever den, waar men groot gebrek aan alles hadt, voorraad te bezorgen. Door het opregten van eene Sterkte op de Bourtagne , fneedt hij ook dat eenig open der Stad Groningen af, en dagt, dat die Stad , dus van alle kanten ingeflooten, zich voor hem zou verklaard hebben: 't welk hem uit zijne gisfing liep (*).

Hij kon ook niet beletten , dat de Koningfchen Ootmarfum en verfcheide andere Schansfen in hunne magt kreegen. En zouden zij hunne vermeetteringen veel verder hebben voortgezet, indien deongunBigheid van het jaarfaifoen, en 'tgebrek, doormangel van betaaling, geen ziekten en misnoegen onder de Soldaaten verwekt hadden. De Schatkist der Spanjaarden was uitgeput. De Indifche Vloot , die dezelve moest aanvullen, door ftorm verftrodid , en door ziekte der Scheeplingen opgehouden , bleef uit. Dus zagen de Soldaaten , daar zij geene betaaling konden krijgen, zich gedrongen den dienst te verhaten: zij verliepen bij hoopen, ja bij geheele Vaandels teffens. Veelen waren , op hunne wederkomst uit Frankrijk , aan 't muiten geQagen. De ftraf, welke de Graaf van Mansveld een Soldaat, aan diefftal fchuldig, wilde aandoen, was het teken des opftands. Zij hadden nieuwe Bevelhebbers benoemd, en, volgens hunne oude gewoonte, een Opperhoofd,onder den tijtel van Keurling, gekooreu , wiens bevelen

ter

Q) B-kyd , X. B. bl, 209.

Maurits»

Muiterij der

Spaanfche Soldaaten.

Sluiten