Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 20*9

geestneiging des Volks misleiden de laatere Omwentelingen, welke 't zelve opgewekt hebben , om eén Uitfteekend Hoofd het Gemeenebest toetevoegen,

moet toefchrijven. Eene zuivere Kegeer'mgder

Voornaamften kan zich niet vestigen, of'er moet een onöverklimbaar affchutzel weezen tusfciien het Volk en de Leden der Regeeringe. Een Volk , 't geen, zonder van het Staatsbeftuur uitgeflooten te zijn , 'er, ondertusfehen, geen deel aan heeft, denkt veel meer aan de belediging , welke het elk oogenblik gevoelt, dan aan de Voorregten, d;e 't zelve grond geeven , om dingen te hoopen , welken 't bijkans nooit een daadlijk beftaan doet krijgen. Elk Volk, 't welk geen zeggen altoos in de Regeering heeft, wenscht om eene Éénhoofdige. Ik wil niet zeggen, dat men aan de Burgeren der Steden dat gezag, moest geeven, waar van zij een zo (legt gebruik maakten in de onrustige tijden hunner Broederfchappen en Gilden. Ik geloof, dat, indien ze, van den aanvang des Gemeenebests af, even als in Friesland, Gelderland en Overijsfel , van ter zijde deel in 't Landsbeftuur verkreegen of behouden hadden, 't zij door 't regt van ftemmen in het bepaalen der Onderftandgelden , 't zij in 't kiezen van eenige Overheidsperfoonen , veele onlusten , zo onder de Stadhouderlijke als Stadhouderlooze Regeering,zouden voorgekomen weezen.

De Staaten der bijzondere Landfehappen Bonden : nooit af van de verkreegene Regten. Zo groot was 1 hunne naijver op de tedere Bukken der Oppermogen- \

heid.1

Madrits»

Bepaa.1 in g der UgenieeleStaaen,

Sluiten