Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 291

te Brusfel pleegen verleend te worden , te geeven: bekleed met het Opperbevel tot de Land-en Zeemagt, ftondt voor Maurits de allerheerlijkfte loopbaan open. Zijn Stadhouderfchap hadt alle de trekken dier waardigheid , welke 't zelve eigen waren onder de oude Opperheeren , in zo verre beftaanbaar was met de verandering, in het Staatsbeftuur gekomen , en de ómftandigheden konden dulden. Den eerbied en liefde des Volks winnende door zijn heldenmoed en bekwaamheden, gepaard met de magt, 0111 Ampten uittedeelen en genabetooningen te verkenen , blonk hij bijkans in al den luifter van Oppermogenheid,de eer van alle welgelukte onderneemingen viel hem ten deele. De Staaten, daarentegen, diè den naam van Oppermogenden voerden, en met de daad den klem der Regeeringe, doorgaans, in handen hielden, konden geen lasten en fchattingen heffen, zonder daar door het misnoegen der Gemeente te verwekken, terwijl zij ook de wijt kreegen van alle tegenfpoeden, die het Gemeenebest troffen (*).

Men hebbe zich geenzins te verwonderen over de veel eers , aan écuen enkelen Burger opgedraagen, wanneer men in aanmerking neemt, dat het Gemeenebest toen een Hoofd noodighadt, magtiggenoeg; om den nog wankelenden gvondflag dei nieuwen StaatsbeBuurs van binnen te vestigen , en aan de

Krijgs.

(») Wagenaar Vadcrl. Hifi. VIII. D. bl. 107. en 335, Zie ook dit Deel deezes Tafereels, hier bovcübl. 60.61. er Grot. Antial. p, 108.

T 2

Mauriti»

Nuttigheid der Stadhouderen in het Gemeenebest.

Sluiten