Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ser. NEDERLANDEN. 36$

de koppen te rug (•). Dus fcheen de Krijgskans, Maurits in den beginne zo gunstig, te keeren: dan deeze wendde welras weder ten zijnen, voordeele.

De Spanjaarden wilden het verrastte Amiens behouden tegen Hendrik den IV, die 't zelve belegerde: dit bewoog den Aardshertog, tot ontzet dier Stad, zijn Letter uit Braband derwaards te voeren. Maurits trok de grootfte voord zelen van die afwending. Hij befloot , met Graaf Willem Lodewijk en den Raad van Staate , welken de Gewesten her beleid deezes Veldtochts hadden overgelaaten , de Spaanfchen uit Overijsfel en het Graaffchap Zutphen te verdrijven: dus dui zetel des Oorlogs aan de {linkerzijde van den Rhijn te brengen , en de rechteroever van vijatidlijke Brandfchattihgen te onthelTen. Tot volvoering hier van , trok hij met een Leger, zevenduizend Knegten en twaalfhonderd Paarden fterk, over den Rhl/n, en langs den (linkeroever, opwaards aan. De Stad en het Kasteel Alfem

nam hij, in 't voorbijtrekken, bij Verdrag , in , en liet, nog dien zelfden avond, Rhijnberk berennen, 't welk, naa een beleg van achtien dagen , daadigde (f). De Keurvorst van Keulen eischte deeze Stad te rug, als welke onzijdig was, en hem toebehoorde. Dan de Staaten antwoordden, dat zij, fchoon, naar 't regt des Oorlogs , die Stad hun toekwam, dewijl 'er vijandhjke bezetting in lag, die een gedeel-

.te.

(*) Bor, XXXIV. B.bl.at?. Grot. #//?. p. a8i. O) b9r, XXXlV.B,bl.37.38.

D 2

Maurits,

Vermee>

fteringen van Mau« rits.

Sluiten