Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 413

Leger aan Francisco de Mendoza , Admirant van Arragon. Het Purper van den Cafdinaals-hoedhadt Albertus te Halle afgdegd, aan de voeten van èen Makia Beeld, vermaard door veele Wonderen, daar aan toegefchreeven. Op zijne reize vernam hij, dat zijn Schoonvader, Philips öe II, den dertienden van Herfstmaand , 's daags voor zijn vertrek uit Brusfel, op het Efcuriaal, overleeden was (*). ■ Deeze Vorst, verzwakt door de ongebondenheden zijner jeugd,'en afgemat door Staatszorgen, was, zinrs twee jaaren, onderhevig aan de hevigfte Jichtpijnen , waar bij zich eene verzwakkende Koorts voegde. Zijne kwaal was dermaate verergerd , dat hij zich in eene Rosbaar na het Efcuriaal, een Zomerpaleis , zes mijlen van Madrid, liet overbrengen , of de frisfe lugt iets ter zijner herftellinge mogt uitwerken. Bij zijne aankomst, nam de Koorts toe, gepaard met eene ongewoone krimping der Zenuwen i in de Scheen, én, bovenal, in de Borst, openbaarden zich verborgene Zweere.n: ze werden tot rijpheid gebragt , en gaven een overvloed van vervuilde eri Hinkende doffe uit, in deeze teelde wel ras'zulk eene menigte van Luizen voort, dat zijne Oppasfers hem nut konden reinigen. Men voegt 'er bij, dat het ongedierte, zijne ingewanden knaagende, hem eené hulpelooze pijn veroorzaakte. Dan alle deeze fmertèn wrongen hem geene klagten af: hij betoonde, in die fchriklijke oogenblikken , eene Stoicynfche onge. ,• voe-

(*) GROTft Hifi. p. 326- 35(0.

IF. Deel. 2. Si. G

Maurit.1.

Dood van Philips

DEN II.

Sluiten