Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 461

goede winterlegering.» hun bezorgd. Dan het was hem niet genoeg, dus te deeien in het berooven der geplaagde Duitfcheren, hij dwong de Steden , daarenboven, den Krijgsknegten een getuigfchrifttegeeven van hun goed gedrag, ten einde hij een verweermiddel tegen alle klagten in handen mogt hebben. Dan hij wagtte zich wel , Emmerik, Rees en Genfiip te ontruimen. Zo ras het jaargetijde gunstig werd, fioeg hij het beleg voor Schenkenfchnns , om Maumts te misleiden (*).

Nimmer vondt zich deeze uitmuntende Veldheer, misfchien, in grooter verlegenheid. Met moeite hadt hij de Algemeene Staaten bewoogen tot het verlterken zijns Legers. De Staaten van Holland, die zeer veel in den last deezer wervinge moeïïen draagen, beflooren tot eene fchatting van den tweehonderdften Penning aller Inwoonderen, die drieduizend Guldens en daar boven gegoed waren , en lagen een veertigften Penning op den verkoop van alle vaste Goederen. De uitgave van den Staat van .den jsare MDXCIV. werd begroot op vijf millioenen en achtmaal honderd duizend Guldens : de oude en nieuwe belastingen konden niet toereiken tot het opbrengen deezer fomme, weshalve men zig genoodzaakt zag, om eene Geldleening te doen (f). Doch, dewijl de vierduizend Franfcken , onder den Heere van la

Noüe,

(») Bor, XXXV. B. b!. 9- 16. Reyd, XVI. B. bl. 37S. Grotii Hifi p. 363. (t) BoR.XXXV.B.bl.^. Refol. Holl. 15^. W. Deel. a. St. K

Maurjti,

Ongerustheid van Maurits, en befchikkingtot den Veldtocht deezes [atrc.

Sluiten