Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 471

op eigen gevaar zouden drijven. Andere Mogenhed n z weegen : en zulks hieldt men voor eene ftilzwijgende toeftemming. De Koning van Deenemar. ken, door den Spanjaard overgehaald, en, wegens eenige verfchillen des Koophandels , op de Staaten gebeeten , weigerde dit Bevelfchrift aftekondigen, fchoon des verzogt door een bijzonder Gezantfchap. De gefchiedenis vermeldt ons niet , welke de gevolgen waren van dit misverftand; doch 't is te denken, dat de Deenen geene reden hadden, om zich des te beklaagen (*).

Geheel Europa floeg een oog van verwondering te neder op een zo nieuw en klein Gemcenebest, zich alleen tot een grooten Zeetocht toerustende , en wagtte , opgetoogen , den uitflag af. De Vloot, door de Staaten gereed gemaakt , beftondt uit drieenzeventig Schepen, bemand met achtduizend koppen , onder bevel van Jonkheer Pieter van der Does , door zijne verdiensten tot dien aanzienlijken post verheeven. In Bloeimaand ftak dezelve in zee, met last, om na de Corunha te fteevenen, de Spaanfche Vloot, die daar in het toetakelen marde , aantetasten , de West-Indt'fche Schepen te plunderen, en de Spaanfche Kusten afteloopen. Van der Does , de Spaanfche Schepen geweeken vindende onder" het gefchut des Kasteels, zogt ze op, terwijl ze weigerden uittekomen; doch hij werd door het grof gefchut

des

(*) Bor, XXXVI. B. bl. 5. 8. 9. 44. 50. Reyd, XVI. Ei bl. 389 enz.

Maurits.

Scheepstocht des Admiraals

van der

Does.

Sluiten