Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 57

aan den Koning , die , in eenen Brief aan de Staaten , zich des beklaagde , en teffens vorderde , dat Maurits , in den Raad, hem herftelling van eere verfchafte. Hier toe was hij niet overtehaalen : alleen verontfchuldigde hij, naderhand, zijn gehouden gedrag in een Brief aan den Koning. Met genoegen zagen de Franfchen de verwijdeling tusfchen den Koning en den Prins (*).

Ondertusfchen ftrekte het Vertoog van Jeannin, openbaar gemaakt, om de Partij der Voorltanderen des Vredes te verherken , en die der Yveraaren voor den Oorlog te verzwakken. Het maakte een' te dieper indruk , dewijl men 't zelve aanmerkte als de verklaaring van het gevoelen eens Vorflen, die, om te meer zeggens in deeze Landen te hebben , ondanks de YVapenfchorsiïng , zijne redenen onderdeunde , door den Staaten groote Geldfommen optefchieten. Maurits , ontrust over den invloed deezes Vertoogs, fchreef een tweeden Brief aan de Hollandfche Steden, (trekkende tot nader aandrang zijner voorheen bijgebragte redenen. Omftandig ftondt hij ftil op 't groot gevaar van verdeeldheid en omkoopingen door den Vijand , die hier dagelijks grooter aanhang kreeg , „ een gevaar," gelijk hij zich uitdrukte, „ te meer te dugten, dewijl'er gee-

ne magt noch gezag in 't Land was , 't welk 'er

„ in

(*) Negotiat. de Jeannin , Tom.III.p.251.324.Tom. IV. p- 99. T. Birch Negotiat. from 1592 cot 1617. p. »8<5. 287. Grstii Hilt. p. 548.

D 5

Maurits,

Tweede Brie! vaa Mauriti aan de Steden, en zijne reis door dezelven.

Sluiten