Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6> GESCHIEDENIS

Maurits.

„ den, dat de Verklaaring bepaald is aan den tijd „ van het Beftand ? Wat u betreft, zij is voldoen„ de, om u te verzekeren van het beoogde voor,, deel: gij handelt verkeerd met de zwaarigheden

en harsfenfchimmen, die niemand bijkans zouden „ invallen , naar welgevallen te vergrooten. 't Zal „ altoos van uw eigen goed beleid afhangen, de „ ongelegenheden , weike men wil, dat uit het „ Beftand moeten voortvloeijen, te vermijden , en ,, in uwe Staatsgefteltenisfe de noodige veranderin„ gen te brengen, om ze-duurzaam te maaken. Dit

ook wagten wij van uwe voorzigtigbeid.

,, Voorts verzoeken wij de Heeren Zeeuwen, zich ,, niet langer aantekanten tegen een' raad , die het

welzijn van 't geheele Lichaam des Bondgenoot-

fchaps betreft: een Lichaam , waar van zij

„ één der aanzienlijkfte Leden uitmaaken. Wij wil„ len ook zijne üoorlugtigheid , nevens den Graaf „ W'illkm en het ganfche Huis van Nas/au, 't welk „ 'er veel toebragt, om deezen Staat te vestigen, te „ verfterken en uittebreiden, gebeden hebben, om „ de hand te leenen, om Zeeland te bevveegen, ten „ einde zij met Phocion, dien grooten en wijzen ,, Atheenfchen Veldheer, kunnen zeggen, dat het hun „ niet berouwt, eenen raad verworpen te hebben, dien „ zij fchadelijk hielden voor het Gemeen; doch dat K„ het hun nogthans verblijdt , dat de gevolgen van „ dien raad beter en heilzaamer geweest zijn, dan zij „ gedagt hadden (*)." Deeze . (*) Negotiat. de 'Jeann. Tom. III. p. 113.

Sluiten