Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

74 GESCHIEDENIS

Maurits.

„ De Aardshertogen verklaaren, zo in hunnen naam „ ais in dien des Konings van Spanje, dat zij te ,, vreede waren, met de Algemeene Staaten dtxFeréé„ nigde Gewesten te handelen, in hoedanigheid, en ,, als dezelve houdende voor vrije Landen, Gewes„ ten en Staaten, op welken zij niet eischten, en „ dat zij, in gemelde naamen en hoedanigheden , met „ hun een Beltand maakten." Wij zien hier uit, dat de Spanjaarden , door bidden, vleijen, dreigen, weigeren, door vrees, achterdogt en vermoedens te verwekken , in 't i inde hunne eer ophielden, terwijl zij met de daad van hunne regten afftonden. Jeanin wendde vergeeffche poogingen aan, om eene vollediger en nauwkeuriger verklaaring te verwerven: hij kon den Spaanfchen trots hiertoe niet beweegen: de Spanjaarden zouden liever alles gewaagd, dan iets, op dit huk, toegegeeven hebben. Het leedt nu geen twijfel meer, of zij hadden den Vrede alleen voorgefteld, om tot een Beftand te getaaken: en door dit

middel, het aanrtootlijkfte voor te komen.

Het Artijkel, waar in van den Indifchen Handel gefprooken, of liever, waar in dezelve toegeftaan wordt, zonder 'er melding te maaken, ftelt die valfche eer der Spanjaarden 'ut een nog fterker daglicht. Naardemaal bet uitfluitend bezit deezes Handel* een der voornaamfte drijfveeren was, welke hun na het ftaaken der vijand^kheden hadt doen wenfehen en aangezet om de voorflagen te doen, lieten zij niets onbeproefd , ten einde zij het mogten behouden. Doch toen zij de onmogelijkheid zagen om den Staaten

Sluiten