Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

76

GESCHIEDENIS

Maurits.

heid, om het klaar uitdrukken, van 't geen men met de daad afflondt, te ontwijken. De Spanjaarden hadden ondertusfchen de ijdele en fchraale voldoening, om het woord de Indien niet in het Verdrag geplaatst te zien, en de Staaten verkreegen de weezenlijke vrijheid , om daar te handelen. Zij waren zo wel voldaan over dit ftuk, dat zij Jeannin betuigden, het bedingen van zulke voordeelige Voor« waarden niet verwagt tè hebben. En, om allen twijfel, ten opzigte van dit gewigtig Artijkel, wegteneemen , verzekerden èt-Franfche en Engelfche Gezanten, bij eene fchriftelijke Verklaaring , „ dat „ het verlof, om op de Indien handel te drijven, in „ het Verdrag begreepen was, fchoon het daar van ,, geen uitdruklijk gewag maakte." Ik begrijp derhalven niet, op welk een grond Richaudot, vervolgens, verklaard heeft, dat dit Artijkel zo duifter was, dat hij het nooit verhaan hebbe.

De Aardshertogen verwierven, doch niet dan met veel moeite en door voorfpraak des Franfchen Gezants, „ dat in de Platte Landen van Braband, die „ onder het Gebied der Staaten ftoudenovertegaan, „ en waar tot hier toe de Roomfche Godsdienst o„ penlijk geoefend was , in dit ftuk geene verande„ ring zou gemaakt worden." Zie daar alles , wat zijne Majefteit verwierf, ter begunstiging van den Roomsch-Catholijken Godsdienst, welken hij beleedt. En dit is zeer opmerklijk , daar hij o .verwrikbaar vast op dat punt fchein te ftaan, en men, volgens den geheimen last van Richardqt , 't zij

de-

Sluiten