Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 103

Rome. Deeze voorbeelden berekenen niets in den tegenwoordigen ftaat der zaaken, dewijl 'er thans geen Volk meer is , 't welk alleen ten oogmerke heeft, vermeefteringen te maaken : dewijl onze hedendaagfche loontrekkende Krijgsbenden bijkans dezelfde Krijgskunde volgen , en het min aan hunne kunde en moed is toetefchrijven, dat zij overwinnen, dan aan het geluk van te ftrijden met een Vijand, die door eene kleinigheid verfchrikt en moedeloos wordt; en, eindelijk, om dat de groote overmagt beftaat in herk ter zee te zijn , en het lang te kunnen uithouden: dar is, met andere woorden, het meefte Geld en 't grootfte Credit fchenkt, menfchelijker wijze gefprooken, thans de Overwinning.

De Verèènigde Gewesten, overweegende, hoe zij te meermaalen in het hachhjkfte gevaar verkeerd hadden , om voor den Vijand te moeten bukken ; dat zij , voor geen gering gedeelte , hun zege aan onvoorziene gebeurtenisfen moehen toefchrijven; dat zij op 't punt gehaan hadden, om onder het juk van Frankrijk, van Engeland, of van een bijzondér Vorst, den hals te krommen: en, eindelijk, dat zij in zwaare fchulden haken , door de kosten van de jongde Krijgsverrigtingen , in welken het geluk hun niet medeliep, mogten zich verheugen , dat zij met dit Beftand, op zo voordeelige voorwaarden, de wapenen mogten nederleggen.

G 4 Tweede

Maurits.

Sluiten