Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. «5

Binnenlandfche onéénigheden mogten het Regentfchap in Frankrijk bezig houden, de Raad van Koning Jacobus mogt tot de Spaanfche zijde overhellen, 't belang van Staat moest, eindelijk, in de twee Hoven het zwaarst weegen: zij floegen eene bemiddeling voor : men hieldt eene zamenkomst te Zanten, werwaards de meefte Vorden van het Noorden

Middelaars zonden. Dan het ging op deeze

zamenkomst gelijk altoos in eene zaak , wanneer de Scheidsluiden en de Partijen drijdige belangen hebben : de beide Staaten , die zich door geweld van wapenen meeder gemaakt hadden van de Landen, deeden verfcheide Plans, niet drookende met hunne inzigten, verwerpen : en , wanneer de Opvolging verdeeld was in twee gelijke deelen , en het lot zou behisiën, aan wien van beiden de Mededingers elk deel zou te beurt vallen, konden Maurits en Spihola elkander niet verhaan over de wijze , waar op zij^ de vermeefterdé Plaatzen zouden ruimen. De Middelaars der onderfcheidene Hoven, alle deeze Staatkundige uitvlugten moede, ftondengereed, om te vertrekken , wanneer 'er een Bode uit Spanje kwam, met last, om die Plaatzen niet te verlaaten. Deeze tijding hnertte de Aardshertogen zeer, die zich zagen ingewikkeld in de zorgen en ongerustheden van Krijgsverrigtingen, uit welker vonken een Oorlogsvuur , dat zij met zo veel zorge hadden zoeken te dooven, op nieuw zou ontbranden. Zij fchreeven na Madrid, doch , toen zij den Koning van Spanje overgehaald hadden , om in het Verdrag te

Zan«

Maurit*.

Sluiten