Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m GESCHIEDENIS

Maurits.

de Graaf van Bentheim, de School te Steinfort, de Raad en de Kerk dier Stad gaven hem de loflijklte gemig:iiisfen mede van zijne ge'eerdheid en regtzinnigheid. Dit beroep was , ei-ter , veelen t^gen de borst, en men befchuldigdé hem van Socinianery en andere vreemde Lecringen. MtGomatistcn wreeven hein zo veel Ketterijen aan , dat het hem ontzegd Wierd , zijn Hoogleevaarsampt te bekleeden. Zijne Verhandeling, getijteld de Deo, wekte alle de voorltanders der zogenaamde Regtzinnigheid tegen hem op. De Koning van Engeland, zeer naijverig, om de zuiverheid des Geloofs te bewaaren, en 'er op geiteld 9 om voor één der kundigfte Godgeleerden gehouden te worden, las de Godgeleerde Verhandelingen met meer verrnaaks , dan de Brieven zijner Afgezanten. Hij bevondt zich op dejagt, toen men hem het Werk van Vorstius bragt. In een uurtijds had-: hij den inhoed doorloopen. Zijn fcherpziend oog ontdekte 'er zo veel Ketterijen in , dat hij fchiejijk een Boode afvaardigde , om de Staaten des te vei witJgen. Hjj liet het niet berusten bij hun aantenr-ianen, 0m tegen den Schrijver zich aantekanten: hij dreigde , in gevalle van weigering op dit huk, een BerigribhWft uit te zullen geeven , om al de wereld te doen weeten, hoe groot een affchrik hij hadt en van die Ketterijen , en van derzelver Voorhanderen » als mede van hun, die ze verdroegen. Vorstius was geen Mensch, maar een Monfler , 't welk, zo ras mogelijk , moest gefluit worden, om geen verderfenisfeii meer aanterigten. De Afgezant Winwood,

deezen

Sluiten