Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. a3i

van Nassau , die 'er bevel over voerde , overleedt

te Veniti'è (f).

Thans hielden de Verèènigde Gewesten den Schepter der Zee in handen. Ongeftraft kon niemand hunne Zeevaart ontrusten. Rijk en magtig geworden, vorderden zij overal ontzag, en verwekten allerwegen fchrik. De mishandelingen , hun door de Engeifchen , voorheen , aangedaan , betaalden zij met woeker. Zij weigerden de Regten , geheld op het visfchen aan de Schot fche Kusten. De Hollandfche Zeelieden durfden zelfs , naar Carletons getuigenis, onder voorwendzel van de Zeeroovers te vervolgen, het Grondgebied van Groot- Br Ittanje fcaenden, te Crookhaven, in Ierland, brand higten en moord pleegeu (f). Koning Jacobus , die zich meer met Godgeleerde gefchillen bezig hie'dt, dan met het handhaaven van de eer zijner Kroone, kreeg geene, dan eene zeer fchraale, vergoeding voor dit ongelijk. Nogthans ontwaakte hij op het verbod van den invoer der geverfde en bereide Lakeuea uit Engeland. „ Hoe verre," dus fprak men aan't Engelfche Hof, „ hoe verre gaat de ftoutheid van „ dit nieuw Gemeenebest ? Heeft het vergeeten, 3, dat wij 't zelve uit het niet hebben opgetoogen? „ Van waar dat roekloos vertrouwen op zijne eigen „ kragt, en de veragting onzer zwakheid? Zijn wij

,, dan

(*) Refol. Holl. icTio". bl. 21. Nani Hift. Venet. Lib. III.

(t) Carleton, I. p. 2S0. II.p. 7. 9.20.20.41.52-53* P4

Mauriti.

Zeemagt der VeriénigdeGewesten.

Sluiten