Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m

des. NEDERLANDEN. 267

op de verzekerdheid der Steden. Hier ontdek¬

te zich de Prins nader , en Het zijn misnoegen blijken in deeze heev;ge uitdrukkingen : Men zon de Magifiraaten we', befchertnen, maar eerst willen weeten hoe zij regeeren zouden, Men hadt vijf valfche Punten zoeken intevoer en in den Godsdienst ; hem willen ontzetten van zijn Stadhouderfchap , en ten Lande uitjaagen. Doch hij hadt hier in orde gefield: hij wist wel wat hij deedt: hij hadt vijf Gewesten voor zich, en de zes Steden van Holland zouden Gemagtigden na Utrecht zenden , om hem te onder/leunen. Deeze zes Steden waren Dordrecht, Amfterdam, Enkhuizen, Edam, Purmtrende en Schiedam, welker Gemagtigden zich ook met de daad te Utrecht vervoegden. De taal der Prinfen verbaasde de Hollandfche Afgevaardigden ,• doch zij gaven dit befcheiden antwoord, „ dat niern nd, hunsweetens, ,, eenig voorneemen hadt, ten nadeele z;jner Vorst„ lijke Waardigheid: dat men bereid was, zijnever„ dienhen, naar vermogen, te erkennen; maar dat „ de aTgwaan, te wederzijden , naa de algemeene „ Scheuring, over de Kerklijke Gefchillen gereezen, „ verdwijnen zou, zo men de zaaken niet tot bellis. „ fing, maar tot bijlegging wilde geleiden, 't welk,

„ huns agtens, ligt te doen ware." Maurits

bleef op een Nationaal Synode aandringen. Wilden, was zijne taal, de Utrechtfchen daar in bewilligen , men zou hun met hunne Kerken in de Stad beworden laaten'. zo niet, dan moeften de Afgezonderden ook Kerken hebben. De VVaardgelders waren erger dan

de

Maurits.

Sluiten