Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maurits.

272 GESCHIEDENIS

digden oiubooden eenige Hoplieden der gewuone Bezettitige, wekten zij den Led voorhielden , en bevel gaven, den Staaten van Utrecht gehoorzaam te zijn. Voorafhadden zij den Prins verklaard, „dat zij, de „ uitvoering van dit gedeelte van hunnen last tot ,, hier toe hebbende uitgefleld , nu daar mede niet „ langer durfden draalen, uit vreeze, dat de fchaa„ de, uit het verzuim te vvagten, hun mogt gewee,, ten worden." Hierop zou de Prins gezegd hebben , dat, zo zij den Soldaat en betaaling weigerden, hij andcie Afgevaardigden uit Holland te gemoete zag, die zulks gef and zouden doen. Oogeudc hier mede op de Minderheid , die de handelingen der Meerderheid voor van geener waarde hieldt (*).

Maurits , eenig Krijgsvolk , te Amersfoort, Arnhem en Vianen in bezetting liggende , binnen 17trecht hebbende doen komen, maakte zich gereed tot het volvoeren van zijnen aanflag. Ogle kwam , in den nagt, de Holiandfche Gemagtigden nog ééns vraagen, „ wat hij doen moest?" dewijl de Luitenant de weet hadt gekreegen , om, 's morgens vóór vier uuren, met het Volk, gewapend, op de Markt te komen. Men zeide hem , „ het niet ongeraaden „ te vinden, dut hij daar ook zou verfchijnen , om ,, te zien, wat 'er ged:Kin zou worden, en zijri bett „ .te doen, ten einde alles zonder bloedftorringiripgt „ afloopen." Kort daarop liet hij de Heeren, met

een

(*) Brandt Leeven van de Groot, bl. 120. Refol. Holl. 1Ó18. bl. 197.

Sluiten