Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oer. NEDERLANDEN. 301

en 's Prinfen oogmerken beguns'igd hadden. Maar vreezende , dat in deeze veel vermogende Stad de kans mogt keeren, waar zijne Partij altoos met eene geringe meerderheid boven dreef, en zich eenige be-" ginzels van misnoegen begonnen optedoen , dagt hij deeze gelegenheid te moeten waarneemen , om zich van dezelve volkomen te verzekeren. Hij verfcheen ter Vroedfchap, met dit voorhei : ,, Dewijl hier in „ den Raad, gelijk in andere S teden, groot verfchil is geweest over zaaken en gefchillen van Gods5, dien>t en heneeringe , waar uit verdere zwaarig„ heden zouden mogen ontdaan, zo ben ik hier ge,, komen uit last van de Regeerders des Lan ls, om ,, ook daar in te voorzien, even als ik in de andere ,, Steden gedaan heb. Ten dien einde beda; k ik „ deeze zesendertig Raaden van hunnen dienst, en „ ontflaa hun van den ted, dien zij als Vroedfchap,, pen gedaan hebben, mitsgaders van den Eed , en „ 't Regt, 't welk hun , als Schepen of Raad ge.

weest hebbende , in het kiezen van Burgemeehc,, ren toekomt. Gaarne was ik van deezen lastver„ fchoond geweest, doch de tegenwoordige nood, ,, ten dienste van het Land , vordert zodanig eene „ verandering, die ook reeds meer in andere Steden ,, gefchied is , opdat de misverhanden en onéé„ nigheden, beide in Kerklijke en Maatszaaken, die, „ eenen tijd lang , in 't Land geweest zijn , eens ,, nedergelegd , en diergelijke zwaarigheden, in 't vervolg van tijd, voorkomen mogen worden." De Prins hadt nauwlijks dit voorhei gedaan , of A 3 alle

LVIaurits*

Sluiten