Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

So6 GESCHIEDENIS

Maurits.

de Mogenheden , voor 't meerendeel in de rechte Staatsgeheltenis deezer Gewesten onkundig, geloofden , dat ze wettig waren , dewijl Maurits alles op den naam der Algemeene Staaten verrigtte : nietweetende, gelijk Aubery fchrijft, dat die Staaten alleen eene zamenkomst uitmaaken van Gelastigden der Souveraine Staaten van elk Gewest, en geen zeggen hebben, dan in zaaken , betreklijk tot de algemeene verdeediging der Bondgenooten, en geheel geen in het binnenlandsch beftuur van ieder Landfchap. De Staaten van Holland, ondertusfchen, thans betraande uit andere Leden , bleeven niet in gebreke, om Maurits , wanneer hij in den Haage wedeikeerde, pleatig te bedanken voor het verrigte werk, zijne gemaakte veranderingen volkomen goed te keuren en te bekragtigen, ja hem hunnen bijftanö te beloven, indien lui eenige verdere mogt noodig keuren. Raadzaam was het nogthans niet, den naam en de gedagtenis te fchenden van zo veele aanzienlijke Burgeren, thans uit het bewind gefehopt. Om dit te ontgaan, vonden zich de Staaten te verp'igt, eer.e Verklaaring bij de goedkeuring van 's Prinfen gedrag te voegen, die ten 'olijke hrekte van de onregelmaatigheid en onrectvaardigheid van 't zelve, inhoudende, „ dat zij „ met dit alles , volgens verfcheide betuigingen van , den Prins , niet ver honden de Traclaaten , Privi\ legien , Vrijheden en Geregtigheden der Landen in *t gemeen , of der Steden cn Ingezetenen in 't n bijzonder, eenigzins verminderd, of eenige Inge„ zetenen in hunne eere, goeden naam en faam ge-

„ kwetst

Sluiten