Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dér NEDERLANDEN. 314

leerde denkbeelden niet ftrookten met die van zijnen Koning, door Hendrik den IV. Meefter Jacobus geheeten, het Land te doen ruimen (*)? Dan het is 't werk van drift en vooringenomenheid, de twijfelagtigfte en verdagtfte maatregels zijner eigene Partije op 't fchoonfte voortedraagen , en een haatlijk vonnis te ftrijken over de loflijkfle bedrijven des Vijands.

Eindelijk beantwoordden de Algemeene S'aar en het Vertoog der Franfche Gezanten , verklaarende, dat de zaaken van 't Gemeenebest niet in een zo „ hachlijken toeftand waren , sis men fcheen den „ Koning diets gemaakt te hebben. De wanordes, „ in den Staat gereezen , waren te recht gebragt „ door het wijs beleid en de werkzaamheid des Prinfen van Oranje : en de Gefchillen , in de Kerk ontftaan , zouden welhaast gehiid worden door de Synode, welke te Dordrecht hondt te vergade3} ren. Wij zijn (voegden zij 'er bij) hoogst verpligt aan zijne Majeheit voor zijne oplettenheid , enbidden haar, hier van verdere blijken te geeven, met toeteftaan , dat eenige Proteftantfche Godgeleer„ den uit zijn Koningrijk onze bijwoonen (f)." Dusdanig een antwoord moet zeer vreemd geklonken hebben in de ooren der Franfche Afgezanten*

(*) Brandt, II. D. bl. S77 enz. Carleton, U, p. 3=7 sh-

(f) Brandt, II. D. bl. 876". Carleton, IL p. 315. 316. 326.

B a

M/iÜRIT8i

Antwoordder AIg«. meene Statten aan de Frattfckè Afgezanten.

Sluiten