Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 59»

Wanneer de Gelastigden uit Hoocerbeets en de Groot alles, wat zij konden, gehaald hadden, gingen zij over tot het ondervraagen van Oldenbarneveld. Men iiadt zijn moed zoeken te muiken , en zijn hartzeer te vermeerderen , door hem, zo veel mogelijk, alle Briefgemeerfchap roet zijne Vrienden aftefnijden , en van alle fchrijfgereedfchap te berooven. Voor de Regters gebragt, ftondt hij verheid, eenige jonge Heeren onder hun te zien , die zich, voortijds , vereerd rekenden , dat zij hem in zijne Gezantfchappen mogten vergezelleu ; anderen , die hij, uit eigene beweeging, of ten wi'le hunner Ouderen en Vrienden, vriendfchap beweezen, en andere diensten gedaan hadt. Dan hij bleef de zelfde in alle deeze vernedering , en verklaarde vrijmoedig, dat hij hun nooit voor Regters zou erkennen , of als de zodanigen te woord haan. Deeze weigering hield hij drie dagen vol, en, in't einde, antwoordde hij, zonder van zijne regten aftehaan , dewijl hij daar toe gedrongen werd. Onder de veelvuldige vraagen , hem voorgefteld, en waar van maar weinig tot onze kennis gekomen is, was de befchuldiging van verftandhouding met Spanje de voornaamfte. Zij fteunden op de verklaaringe van den Griffier Aarsens, en van Nicolaas van Berk. , Burgemeefter van Utrecht. Aarsens bragt in, dat hij, de Advokaat, ten tijde , dat men over 't Beftand handelde , onderrigt Tioe twee Burgemeefters, Beerenstein, te Delft, en Ruikhaver, te Haarlem, zich door Spanje hadden laaten omkoopen , dit ftuk

kniei

Maurit?.

Olden-

BARI^E-

vzi.Ds gedrag bij de Regters.

Sluiten