Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

öer NEDERLANDEN. 4Ó9

en hadt de dwaasheid gehad, om te rekenen op den bijftand des Konings van Engeland, wiens character

zwak en weiffelend bleef (*). Het Hof van

Frankrijk betoonde den ouden ijver niet. 't Was gedagtig aan de weinige agting , betoond voor de aanzoeken, ten beste van Oldenbarneveld, en de klagten tegen Aarsens, dien zij een Bedrieger noemden, en geftraft wilden hebben : den Franfchen Afgezant verbiedende, met hem te handelen in vreemde Landen, wanneer de Staaten hem daar henen mogten zenden (f). De Krijgsmagt was in aantal

niet alleen geringer dan die des Vijands , maar de Soldaaten waren door de rust eens zo langen Beftands verzwakt, en derKrijgsoverffen moedwasmet de Vaderlandliefde gedaald. De tijd des Beftands hadt de geheugenis van de wreedheden der Spanjaarden verflauwd , en den haat, die, voorheen , de

geesten dermaate verbitterde, doen flijten. De

ftaat der Geldmiddelen was in groote wanorde. Die van de onderliggende Partij klaagden bitter, dat men fchatten verfpild hadt, om eene Regtbafik aanteftellen tegen de beste Liefhebbers des Vaderlands , en eene Kerkvergadering te houden , om Godgeleerde Gefchilpunten te befltsfen. Zij begreepen, dat men,

in

(*) Carleton. III. p, 278. 34.2. 393. Capelle Gedenk f. L. 1. p. 17.

(f) Aitzema, I. bi. 40. Grot. Epi/i. p. 133.136.137. Siri Mem. reeond.V.iji. Wagenaar V&derl. Hift. X. D. M. 420". -

Mburits»

Sluiten