Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 47$

dringen; doch, Maurits hem den doortocht belettende, viel hij in Gelderland, vermeeherdc het/7»» te Reide , en floeg het beleg voor Gulik , 't welk Staatfche Bezetting in hadt, tot den aanvang des volgenden jaars het beleg doorftondt, en toen , bij mangel van voorraad en ontzet, werd overgegeeven. Het verlies van het Huii te Reide kwam den Bevelhebber op 't leeven te ITaan. 't Zelve behoorde aan Kloris van Boetzelaar , Heer van Odenker* ke. Deeze, in 's Vijands handen gevallen zijnde, werd gedrongen , den Bevelhebber te fchrijven , dat hij het Huis zou overgeeven. De laatstgemelde hadt last van de Algemeene Staaten, om dien Heer te gehoorzaamen, en oordeelde dus geenen wederltand te moeten bieden. Die orde verontfchuldigde hem niet bij Prins Maurits: men begreep , dat ze alleen op Burgerlijke en niet op Krijgsmansgehoorzaamheid zag : de Krijgsraad veroordeelde hem, om onthalsd

re worden (*> Min geluks vergezelde der

Spanjaarden aan (lag op Sluif : de dapperheid der Zeeuwen en een zwaare regen deeden bun , met verlies van veel manfchaps, aftrekken (f).

De voorfpoed vergezelde de wapenen van het Huls van Ooftenrijk in Duitschland. De ongelukkige Koning van Bohemen vondt zich verlaaten van den Koning van Engeland en de meehe Rijksvorhen. Het

was

(*) Refol. Holl. 1611. bl. 170. Mem. de Fred. Henry, p.2-5. Aitzema, I p. 49.50.76. Wassenaar, I. f. 79. Ct) Wassenaar, I. f. 12.

M 2

Maurits»

Sluiten