Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 501

Man en Vader te neemen. Hier fcheenen de harten te breeken door onderlinge rouwe, herroepende zich de doodsbenauwde Weduwe, in dit akelig oogenblik, den dood haars afgeleefden Egtgenoots, dien zij op 't Schavot verlooren hadt , 't welk thans voor haaren Zoon werd gereed gemaakt. Groeneveld , door de droefheid zijner Gade bewoogen , zeide: Mijn Hart, welk eene bedroefde Weduwe zult gij zijn! Op welk zeggen haare droefheid fcheen plaats te maaken voor een onverfchrokken moed ; althans zij betuigde : Mijn Lief, voor al't geledene verdriet, doe mij die eer, en Jl erf als een Edelman ! Groeneveld hoorde het leezen van zijn Doodvonnis zonder eenig betoon van zwakheid, kwam rustig op het Schavot, ongebonden, ten vollen gekleed , met den Hoed op 't hoofd, den Mantel aan, en 't Rapier op zijde, groette de Lieden van het Hof, die voor de glazen lagen, eu de toegevloeide menigte; zich, met behulp zijns Kamerdienaars , ontkleed hebbende, ging hij na 't zand, tot het Volk zeggende: Wraakgierigheid en kwaade raad hebben mij hier toe gebragt. Heb ik iemand misdaan, ik bid 11 , cm Christus wil, vergeef het mij ! Zijn jongfte gebed deedt hij met het gezigt na zijns Vaders Huis gekeerd; en, zich tot het ontvangen van den doodlijken flag fchikkende, fprak hij: O God ! wat Man ben ik geweest, en wat ben ik nu '. waarop hij, zijne handen zamenllaande, 'er bij voegde : Patiëntie. Dit woord was 'er cau<v uit, of de Scherpregter fcheldde met dérieu flag het hoofd van 't lichaam. -

Bi|

Maurits*

Sluiten