Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

568 GESCHIEDENIS der NEDERLANDEN»

Maurits.

Einde van het Vijfde Deel,

voor de Vinders en anderen niet veel uitlokkends ge» had hebben, dewijl men 'er toen, noch naderhand, Vastigheden aangelegd heeft. Men heeft, wel is waar, laaten verluiden, dat de Hollanders daar rijke en vrugtbaare Landen hadden aangetroffen, diefoortgelijke voortbrengzels als de Molukfche Eilanden en Ceilon uitleverden ; doch dat zij het bevaaren van dezelven niet alleen uitftelden , maar alle Papieren , welke opheldering van deeze vaart konden geeven, verdonkerd hebben. Nijd en Afgunst, gebooren uit Voorfpoed des Handels, hebben zulk een gerugt wel greecig aangenomen, en zoeken te verfpreiden , zonder eenigzins te onderzoeken , of hetzelve eenigen grond hadt. De jongfte reistochten, door de Engel' fchen gedaan in 't Zuider - halfrond , en, bovenal, die van den beroemden Cook (*) , dienen kragtdaa» dig tot wegneeming van deeze kwaadaartige uithrooizeis.

(*) J. Cook Voyage towards the South Poole andround the PForld, i--t 1775 , waar van eene verkorte vertaaling in 't Nederduitsch het lichr. ziet.

Sluiten