Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. %9

„ een hoop Poëten , Orateurs, Juristen en Polity„ ken, dan aan ons, Dit 's verkeerd. Zij haaien „ hunne Redenvoeringen uit de Keizerlijke Regten „ enz. Wij zeggen blootlijk , de Heere zegt het. „ Wij hebben Gods Woord ; hoort, derhaiven, „ wat wij u zeggen. Wij zijn uwe Herders : wij zullen u niets anders zeggen, dan de waarheid: „ Wee den afvalligen, die zonder mij raadjlaagen l „ Jes. XXX. Herftelt dan de genen, die ons zo „ trouw geweest zijn : herftelt de genen, die gij „ ontfchutterd hebt : volgt niet na de voetftappen „ van Rehabeam , die den jongflen Raad Helde bo„ ven dien des ouden, enz." Dit alles uitte hij met het aangezigt gewend na 't BurgemeesterlijkGeftoelte: en beftrafte, voorts, de Gemeente, om dat ze, in haare bezwaarnisfen tegen de Regeering , haare Predikanten niet gekend, maar in den Haage geklaagd hadt. Alles beiluitende met dit flotvonnis: „ Kort„ om, zij hebben allen tegen ons gezondigd , van „ den minsten tot den meesten;" hier onder ook den Prins begrijpende, dien de Predikanten te vergeefsch een Verzoekfchrift overgeleverd hadden, toen deeze zich in de Stad bevondt. De Magiftraat liet dien gevaarlijken Prediker voor zich komen , die de ftoutheid hadc de Burgemeesteren in 't aangezigt te zeggen : ,, Mijne Heeren, valt God nog te voetj ftaat van uwe begonnen proceduuren af; wan; „ anders zult gij u en uwe Kinderen omhals bren„ gen." Naa eene en andere fcherpe verwijten ovei hun beftuur en raadgeevingen tot een ander gedrag.

C 4 raadd:

Fredeuik Helndbjk.

Sluiten