Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i34 GESCHIEDENIS

frederik Hendrik.

loopen, waar de Engelfchen hem zouden ontvangen» tot dat zij zich met de Vloot van Duinkerken veréénigd, en op de Vlaamfche Kusten twaalfduizend man ontfcheept hadt. Tromp kruiste in den mond van 't Kanaal, wagtende op verflerking zijner Vloote : niet meer dan twaalf Schepen hadt hij bij zich , toen de Spaanfche Vloot van vierendertig zwaare Oorlogfehepen en dertig zeer zwaare Gallioenen opdaagden. Zonder voor die verbaazende overmagt te fehroomen , beflcot hij, een fchutgevaarte met den Vijand te houden , tot dat hij een grooter aantal Schepen zou gekreegen hebben. Op het eerfte teken kwamen bij hem vier Schepen onder den Vice-Admiraal de Witte. Deezen bij zich aan boord ontboden hebbende, voerde hij hem tegemoete: Ik heb bejloten, deezen dag eere inteleggen, of te fervent wat wilt gij doen ? Men heeft voor deezen getwist, of gij couragie hadt, 't is nu tijd em te betuigen, dat gij die hebt. Hij antwoordde : Zijn Admiraal wel voorgaande, wel te zullen volgen. Het befluit tot vegten genomen zijnde, werd 'er last gegeeven, dat de Nederlandfche Schepen zich gefloten en digt bijéén zond n houden , om den Vijand te fcheuren. Het gefehiedde : en, fchoon één hunner Schepen, door eigen vuur, in de lugt fprong, noodzaakten zij den Vijand in Duins binnen te loopen, naa dat ze twee Schepen verlooren en veel fchade bekomen hadden. T ft o »i p , nog zeventien Schepen onder aijne vlag bekomen hebbende , bezette den Vijand ia Duins, voorneemens, hem op d&eze Reede inge-

floten

Sluiten